
De kracht van zelfreflectie
- Pleunie Wijnen

- 30 dec 2022
- 4 minuten om te lezen
Er is niemand die zegt dat je het moet doen, er is ook niemand die zegt dat je er bijvoorbeeld nog even mee door moet gaan. Je moet jezelf een spiegel voorhouden om te beseffen waar je nu eigenlijk mee bezig bent. Maar dat kan ook spannend zijn, want kijk jij eigenlijk wel eerlijk naar jezelf?
In het vorige deel heb je kunnen lezen dat ik moest gaan leren accepteren. Accepteren dat het nou eenmaal ‘part of the deal’ was dat ik in de overgang gebracht was. Er ontstond obsessief eetgedrag omdat ik bang was dat ik ziek werd. M’n hoofd sloeg op hol…
De tijd opjagen als een gangster
Ik had een overweldigend gevoel van machteloosheid. Of misschien was het wel hulpeloosheid. Ik wilde aan een enorme noodrem voor het universum trekken, zoals ik de noodrem in de trein wel eens heb gezien (en vaak heb gedacht; wat gebeurt er nou als ik hieraan trek?). Ik wilde om een time-out roepen, eisen dat iedereen even ophield met waar hij mee bezig was tot ik alles begrepen had en ik in rustig vaarwater zat. Ik neem aan dat deze behoefte om het hele universum tot stilstand te dwingen, totdat ik mezelf op orde had, het verlengde was van mijn ‘control freak’ brein. Het trieste verlangen om met een schone lei te beginnen en eigenlijk opnieuw te beginnen. Want ja, eigenlijk is het triest als ik er zo op terug kijk. Nu denk ik dat het maakt wie ik ben en eenieder die dit niet kan accepteren, hoort niet in mijn wereld. Maar toen wilde ik er al te graag mee stoppen. Ik was er klaar mee. Ik voelde me eenzaam omdat ik het gevoel had dat niemand echt begreep waar ik doorheen ging. Eenzaam omdat ik eindstand toch weer alleen op de bank lag en de tijd kroop. Eenzaam omdat ik niet had gekozen voor dit leven.
Kijk, ik snap ook wel dat een leven dat je niet uitgebreid onderzoekt niet de moeite waard is, maar een keertje lunchen zonder alles onder de loep te leggen zou leuk zijn. Ik geloof echter niet dat ik heel veel keuze heb. Ik ben al jaren op allerlei manieren wanhopig op zoek naar voldoening, naar mezelf en al die aanwinsten en prestaties putten je uiteindelijk uit. Als je zo fanatiek achter het leven aan zit, wordt het uiteindelijk je dood. Als je de tijd opjaagt alsof het een gangster is, gaat hij zich op den duur ook zo gedragen; hij ligt altijd één stap op je voor, verandert voortdurend zijn haarkleur om aan je te ontkomen en als je denkt dat je hem te pakken hebt – is ie weer weg. Op een gegeven moment moet je stoppen, aangezien de tijd niét stopt. Je kunt de voldoening niet te pakken krijgen en het leven al helemaal niet sturen. Dat ís ook helemaal niet de bedoeling. Op een gegeven moment moet je loslaten, stilzitten en de voldoening naar jou toe laten komen.
Handvat van het universum
Natuurlijk is loslaten iets verschrikkelijk engs voor mensen zoals ik, die geloven dat de wereld alleen ronddraait omdat hij toevallig een handvat bovenaan heeft waar wij persoonlijk aan draaien, wanneer en hoe ík dat wil en dat als dat handvat ook maar even losgelaten wordt, de wereld ophoudt met bestaan. Maar ik probeerde het handvat toch los te laten. Ik wilde even stil blijven zitten en ik wilde ophouden om overal maar bij te willen zijn en mee te willen doen. Ja, tegenwoordig noem je dat fomo. Ik kijk gewoon wat er gebeurt. Per slot van rekening vallen de vogels ook niet naar beneden als ze even stoppen met vliegen, bomen blijven ook gewoon staan als er geen bladeren aanzitten in de winter. Het leven gaat door.
Toen ik losliet, merkte ik dat mijn verstand helemaal niet zo’n interessante plek was. In feite denk ik maar aan een paar dingen en daar denk ik dan aan één stuk door aan. De officiële term is ‘piekeren’. Ik pieker over mijn ziekte, mijn werk, dagelijks leven, alle fouten die ik heb gemaakt. En toen kwamen de bijbehorende emoties los. Ik begon gefrustreerd en kritisch tegenover mezelf te worden, eenzaam (again) en boos. Je bent een mislukking, je bent echt een loser, met jou zal het nooit iets worden. En plotseling was het alsof er vanbinnen in mijn borstkas een leeuw brulde, zo hard dat al die onzin niet meer te horen was. Er schreeuwde een stem in me; ik had nog nooit zoiets gehoord. Hij ging zo vreselijk van binnen tekeer dat ik letterlijk mijn hand voor mijn mond sloeg. JE HEBT GEEN IDEE HOE STERK JE BENT!!! Ik geloofde mezelf niet, omdat ik het hier totaal niet mee eens was. Maar de negatieve gedachtes gingen langzaam weg. Er kwam een intense, huiveringwekkende stilte waar ik van moest huilen. Ik huilde door mijn eigen gedachtes. Er ontstond ruimte in mijn hoofd en dat was iets waar ik al zo ontzettend lang naar had verlangd. Het feit dat ik nog rechtop stond (oké, ik lag vaker dan dat ik zat maar je snapt wat ik bedoel), na de laatste operatie niet was overleden en nog steeds aan het vechten was tegen al het nare wat op dit moment gaande was – toonde aan dat ik wel degelijk sterk was.
Verlichting
Dit was ook het moment dat ik besefte dat ik hulp nodig had. Mentale hulp. Er was de afgelopen jaren zo ontzettend veel gebeurd met mij dat ik écht hulp nodig had om alles weer rationeel op z’n plek te kunnen zetten. Om de gedachtes een plaatsje te geven en niet weg te stoppen achter steeds kleinere deurtjes. Het was een moment van verlichting. Verlichting omdat ik misschien eindelijk een stukje (stukje, want ik was er écht nog niet) acceptatie had en er toch niet veel meer aan kon doen, behalve m’n best. Jarenlang had ik het idee gehad dat enkel je best doen écht niet genoeg was om de wereld aan te kunnen maar nu had ik geen andere keus meer. Ik was op een punt gekomen dat ik niet langer meer kon vechten tegen m’n eigen lichaam en geen andere keus had dan het te accepteren, mijn hoofd zoveel mogelijk omhoog proberen te houden en het universum te vertrouwen dat het wel goed kwam (met een beetje hulp van het ziekenhuis). Een beetje zelfreflectie was dus écht niet verkeerd en ik was opgelucht maar verdrietig tegelijk.
Hoe het verder ging, lees je in mijn volgende blog.
Veel liefs,
Pleunie




Opmerkingen