top of page

De dag van de verlossing

  • Foto van schrijver: Pleunie Wijnen
    Pleunie Wijnen
  • 5 jul 2022
  • 4 minuten om te lezen

Een operatie is voor de mensen in het ziekenhuis dagelijkse kost. Voor de patiënt een groot avontuur. Zeker als het je eerste keer is in dat gebied. Allerlei gedachten en emoties kronkelen vaak door elkaar heen. Want hoe weet je of je goed behandeld gaat worden? Het gaat wel om JOUW lijf. Het lijf waarmee je het de rest van je leven nog moet doen. Of ze je technisch goed helpen, kun je vaak lastig beoordelen. Daar vertrouw je vaak maar op.


In het vorige deel heb je kunnen lezen dat ik aan het wachten was op de operatie. Maar ook dat ik verhalen ging lezen op internet en me alvast een klein beetje inlas over endometriose. Ik werd plots gebeld dat ze mij eerder wilden opereren.


De grote dag

Wist je dat twee weken én heel lang én heel kort tegelijk kunnen zijn? Ik had me zo goed mogelijk voorbereid op de operatie. Maar ja, het was voor mij wel de eerste keer dat ze mij gingen opereren in mijn buik en een diagnose moesten stellen. Dus had ik eigenlijk helemaal geen idee waarop ik me moest voorbereiden. En dat maakte me best onzeker. Had ik echt wel aan alles gedacht? Had ik alles bij me? Bij het weggaan thuis had ik mijn familie en vrienden nog gezegd dat ik heel veel van ze hield (want ja, er was ook een stemmetje dat me influisterde dat er weleens mensen niet meer wakker waren geworden uit een narcose….).


Zie mijn hoofd als het controlecentrum en daarin doen alle emoties hun best om een plekje te vinden. Als ik gebeurtenissen meemaak die veel impact hebben, dan is het in die controlekamer snel een enorme chaos met hevig oplopende ruzies. Alsof al die emoties met elkaar een wedstrijdje aan het doen waren wie nou de sterkste was. De ene keer lag de één op kop, het andere moment duidelijk een andere. “Hallo…hallo! Kan het iets rustiger daar binnenin?”


Wachten was niet mijn sterkste punt

Met een mengeling van (letterlijke) nuchterheid, angst en moed meldde ik me bij de balie. Het was nog steeds Corona dus wederom alleen. Een vriendelijke dame ving me op en begeleidde me naar mijn bed. Vol geduld legde ze me alles uit en verzocht me mijn kleding te vervangen door het operatieschort dat op het bed klaarlag. Braaf ruimde ik mijn spullen op en trok het schort aan (na eerst tien keer te hebben moeten kijken wat nu de voor- en achterkant was) en ging in het bed zitten. Klaar om opgehaald te worden. Ik besloot maar wat te lezen op mijn telefoon. Ik moest oprecht moeite doen om mijn aandacht erbij te houden. Want al die emoties waren nog steeds druk bezig daar in het controlecentrum mijn hoofd. Hopelijk zouden ze me snel komen halen.


Ontspannen, hoe dan?!

Dit keer werd pakket Pleunie in een ziekenhuisbed naar de volgende processtap vervoerd. Ik kan je vertellen dat het best een apart gevoel is om zo over de gangen te worden gereden. Ik voelde me heel afhankelijk. Volledig overgeleverd aan anderen. Terwijl je in dat bed ligt, zie je andere mensen naar je kijken en je ziet ook dat ze eigenlijk niet naar je willen kijken. We kwamen aan in een zaal met andere bedden. Een soort voorsorteerruimte. Ik werd in de rij gezet. Het was er ijskoud en ik begon te rillen. Ik wist dat het beter was om me te ontspannen, maar hoe doe je dat in vredesnaam als je het zo koud hebt? Hellup, kon ik hier nog weg?! Nee, helaas… dus maar weer intern die knop om. In de operatiekamer werd ik vriendelijk ontvangen, maar ik bleef het gek vinden dat die mensen zo meteen in mijn lichaam zouden lopen snijden. En ook hier was het echt ijskoud, ondanks de ‘deken’ die ik had gekregen. Mijn ‘nieuwe’ arts stond daar ook.  De vervangende arts die mij zou opereren. Deze arts was niet mijn eigen arts maar was wel kundig en zou me opereren. Rustig blijven Pleunie. Adem in, adem uit… Hè, hè, daar was de narcose en toen werd het zwart…


Als een raket door de uitslaapkamer

Soms heb je momenten waar je later om moet lachen maar op dat moment best voor schaamt. Zo ook bij mij. Ik werd wakker in de uitslaapkamer en was er echt niet helemaal bij. Mijn keel deed ontzettend veel pijn en een vriendelijke verpleegkundige vroeg of ik een waterijsje wilde. Ja, dat wilde ik wel. Maar mijn controlekamer dacht iets anders… Na 3 keer aan het ijsje te hebben gelikt, gooide ik het ijsje met een vaart door de uitslaapkamer heen. Die hoef ik niet meer! riep ik. Oh my god, ik leek wel een kind van 3.


Ik ging vrij snel terug naar de kamer waar ik opgehaald was en mocht één iemand bellen die naar me toe kwam. Nog voordat mijn toenmalige partner was gearriveerd, verscheen de arts die mij geopereerd had. Er stonden nog zo’n 4 mensen bij en het was even stil. Toen wist ik het eigenlijk al, er komt geen goed nieuws. Ze vertelde dat ze ernstige endometriose hadden gevonden en dat het zo complex lag dat ze niet alles kon weghalen. Ze had haar best gedaan maar adviseerde om naar een specialistisch centrum te gaan. Ze legde uit dat ze nu eindelijk begrepen dat ik zo’n pijn had. Daarna gingen ze weer.


Hoe het op dat moment voor mij voelde en hoe ik er mee om ging, lees je in mijn volgende blog.


Veel liefs,

Pleunie

 
 
 

Opmerkingen


Post: Blog2_Post
bottom of page