top of page

Het leed dat de overgang heet

  • Foto van schrijver: Pleunie Wijnen
    Pleunie Wijnen
  • 2 dec 2022
  • 4 minuten om te lezen

Je zou het ook intuïtie kunnen noemen: je onderbuikgevoel. Je weet wel, dat gevoel dat je krijgt in je maag als je bijvoorbeeld moet beslissen of het verstandig is om iemand te vertrouwen. Of om voor dat huis of die baan te gaan. Je kan eindeloos nadenken óf vertrouwen op dat onderbuikgevoel, dat eigenlijk al meteen aangeeft of je iets wel of niet moet doen. Maar kun je eigenlijk wel helemaal vertrouwen op je onderbuikgevoel? 

 

In de vorige blog ‘Je ex als een wervelwind’, kon je lezen dat ik het bizar vond dat er in de huidige tijd nog verwacht wordt dat je kinderen krijgt wanneer je alles op orde hebt. Maar ook dat ik voorlopig nog niet op een nieuwe relatie zat te wachten, mijn ex zat namelijk nog steeds in m’n hoofd…  

 

Zoals je weet ben ik in april geopereerd. Het was een zware operatie met een nóg zwaarder herstel. Ik zat zeker tot september thuis en had die rust ook echt nodig. Zelf had ik de hoop gehouden dat de operatie het verschil had gemaakt, dat ik vanaf nu alleen maar beter zou worden. Niets was minder waar, ik werd weer zieker en zieker. Ik had een controleafspraak gepland en hield in m’n achterhoofd dat ik wel eens slecht nieuws kon krijgen. Het voelde gewoon niet lekker en had een onderbuikgevoel dat het niet pluis was. En ik kan je vertellen, het onderbuikgevoel van een vrouw is vrijwel altijd juist…  

 

Het verscheurde nieuws  

Ik was zenuwachtig, echt heel zenuwachtig. Toen ik de parkeerplaats op reed en m’n auto uitstapte, heb ik eventjes stil gestaan. Het spookte door m’n hoofd dat ik met een ander gevoel weer weg zou rijden, wijzer maar verslagen. Ik haalde een paar keer diep adem en liep naar binnen. Ik nam plaats in de wachtkamer en minuten voelde als uren. Alles ging voor mijn gevoel in slow motion. Toen ik naar binnen werd geroepen was ik om een of andere reden wel zelfverzekerd. Ik heb namelijk altijd gedacht dat ik mezelf hier doorheen zou slaan. Geen weg is te lang en geen muur is te hoog, ik heb me altijd voorgehouden dat het me zou lukken. En misschien is dat maar goed ook, want hoe zwak ik ook was op dat moment, ik moest positief blijven.  

 

Ik ben wel eerlijk als ik tegen je zeg dat mijn wereld stil stond toen ze de echo’s maakte en ik de uitslag kreeg. De adenomyose in mijn baarmoeder en de endometriose was erger dan ooit en de pijn was momenteel bijna ondraaglijk. Mijn arts besloot, in overleg met mij maar wel zeker van haar zaak, dat ik kunstmatig in de overgang gebracht moest worden door middel van spuiten. In de overgang. Vol ongeloof luisterde ik naar haar verhaal en stemde vervolgens in met het traject wat er komen ging. Ik wist namelijk dat zoals het nu ging, geen doen meer was. Dat het een klap voor me was, hoef ik jou vast niet te vertellen. De verhalen zijn namelijk niet zo lovend over deze spuiten, het was onzeker of het überhaupt zou werken en hoe ik eruit zou komen. Ik ging het aan, dit leed. Ik ging de strijd aan, ik had mijn wapens nog niet neergelegd. Maar, ik voelde me ook zwak. Ik kon namelijk niet meer vechten tegen mijn eigen lichaam en alles wat ooit onoverwinnelijk was geweest en zo vast als een huis had gestaan, veranderde nu in één grote puinzee. Toen ik weer in de auto zat, heb ik geschreeuwd van verdriet. En ik hoor je misschien denken; maar Pleunie, het gaat je wellicht helpen dus waarom ben je zo verslagen? En ik snap jouw gedachtes, maar als je op je 22e hoort dat je kunstmatig in de overgang wordt gebracht en je begeleidende medicatie krijgt om de klachten van de overgang deels de verminderen, kan ik je vertellen dat je wereld even stil staat. Het is niet het einde van de wereld, zeker niet, maar ik kan er niet omheen als ik jou vertel dat ik mijn leven wel even anders had ingeschat toen ik 18 was.  

 

Als duivels op je schouders  

Verdriet en woede hadden me gevonden. Stilletjes en dreigend kwamen ze op me af en gingen op weerszijden van mijn schouders zitten. Verdriet links, woede rechts; net duivels. Ze hoeven hun ID niet te laten zien want ik ken ze al jaren. Ik stuur ze alleen heel graag naar huis terwijl ik zelf hard de andere kant op ren, we spelen al jaren kat en muis. Nu hadden ze me gevonden en ik vroeg me hardop af waarom ze precies op dit moment aan moesten kloppen. Woede, nogal een bijdehand type, was op dat moment het sterkste aanwezig. Ze haalden op dat moment alle vreugde die ik bij me had uit mijn zakken. Verdriet nam zelfs mijn identiteit in beslag, maar goed, dat doet hij altijd. Vervolgens begint woede me te ondervragen, wat ik verschrikkelijk vind aangezien hij hiermee uren kan doorgaan. Woede is beleefd maar meedogenloos. Hij vraagt of het misschien wel mijn eigen schuld is dat ik nu zo ziek ben, of ik niet eerder aan de bel had moeten trekken en hij vraagt me of ik ooit nog beter ga worden. Waarom ik mijn zaken niet op orde kan krijgen en waarom ik het gevecht tegen mijn eigen lichaam niet kan winnen. Hij vroeg me ook of ik nog ooit aan het werk kon en waarom het licht aan het einde van de tunnel steeds verder wegdreef. Ik haatte ze, ik wilde zo graag dat ze weg gingen. Ondertussen had ik al 5 sigaretten gerookt (ja, ben net een stoomtrein als ik verdriet, woede of stress heb), had al uren niets gegeten en was dus kotsmisselijk.  

 

Tijd om steun te zoeken bij mijn familie en vrienden, ik had ze nu harder nodig dan ooit. Tijd om mezelf te herpakken en deze strijd aan te gaan. Ik kon niet meer vechten tegen mijn eigen lichaam en moest volledig vertrouwen op iets wat ik nog nooit had ervaren en nog nooit in m’n lichaam had gehad. Het was zaak dat ik me beter aan m’n dieet zou houden dan ooit en moest écht gezond gaan eten. Alles om op een zo goed mogelijke manier mijn lichaam hier doorheen te loodsen. Maar het werd een heftige strijd die ik zwaar onderschat had…  

 

Hoe het verder ging, lees je in mijn volgende blog.


Veel liefs,

Pleunie

 
 
 

Opmerkingen


Post: Blog2_Post
bottom of page