
Je eigen uitvaart plannen
- Pleunie Wijnen

- 17 aug 2022
- 4 minuten om te lezen
Sterk zijn, sterk blijven. Sterk zijn is iets wat je je hele leven bij ups en downs probeert te blijven, soms wankel je en soms val je om. Maar ook dat is niet erg. Soms is het zoveel dat je na het vallen wil blijven liggen. Hoe ga je daar mee om?
In het vorige deel ‘Nooit meer zwanger’ heb je kunnen lezen dat ik te horen kreeg dat ik wellicht niet meer zwanger kon worden, maar ook dat ik opnieuw geopereerd zou worden. Wat er kwam, daar was ik niet op voorbereid.
Je eigen uitvaart plannen?
Zoals je weet brengt iedere operatie risico’s met zich mee. De narcose is niet niks en dan heb ik het nog niet over je herstel. Maar wat er verteld werd, daar was ik niet op voorbereid en daar had ik me ook niet op voor kunnen bereiden.
Het was een risicovolle operatie, de endometriose zat op verschillende organen en de kans op bloedingen was groot. En als het ‘mis’ zou gaan, zouden er organen uit moeten. Maar ze vertelde nog meer… Het was raadzaam om zaken op te gaan schrijven met betrekking tot mijn eigen uitvaart. Wensen, dingen wel of niet willen. Mijn eigen WAT?! Ik was 22, vol in de bloei van m’n leven (oké, mijn lichaam was op dat moment wat uitgebloeid en bedorven maar hè, ik was nog steeds springlevend). Zo ernstig had ik de zaken nog nooit bekeken, heb ik alles onderschat? Er gingen wel 100 vragen door m’n hoofd heen. Ze sloot af met dat het raadzaam was om de zaken met betrekking tot de operatie (orgaanverwijdering) ook op te schrijven en aan mijn contactpersoon te geven. Mijn contactpersoon. Mijn contactpersoon? Ik vond het maar moeilijk want wie kies je dan? Ik wilde geen keuze maken tussen papa en mama, geen keuze tussen mijn broer of beste vriendin. Iedereen was even belangrijk voor mij. Kon je niet iedereen opschrijven?! Ik heb uiteindelijk voor mijn bonusmama gekozen. Ik wist dat die keuze vragen zou oproepen in mijn omgeving maar op dat moment voelde dat het ‘veiligste’ voor mij. Dichtbij maar nét ver genoeg om pragmatisch te handelen. Maar ik voelde me wel opgelaten, alsof ik een uitleg verschuldigd was aan mijn omgeving. Alsof ik mezelf moest verdedigen.
In de tussentijd moest ik hormonen blijven spuiten én plakken om alles zo goed mogelijk te onderdrukken voor de operatie. Maar, Tante C was nog steeds in het spel wat betekende dat er een redelijk lange wachttijd was. Dus wanneer ik geopereerd zou worden? Geen idee. Dat was afwachten…
Paniekaanval hier, paniekaanval daar
Het feit dat ik er vandaag de dag zo rustig over kan schrijven is een geweldig bewijs dat de tijd alle wonden heelt, want toen ik er middenin zat had ik er grote moeite mee. Ik zou je willen vertellen dat het inmiddels mentaal wat beter ging, maar ik kreeg klap op klap. Ik overdrijf niet als ik zeg dat ik de weken daarna nauwelijks sliep. Ik dacht dat ik er eerder doorheen had gezeten, maar nu viel mijn leven helemaal in duigen. Ik had er moeite mee om het op papier te zetten wat ik nou precies wilde en welke wensen ik had. Het lukte me gewoon niet. Ik heb uren, dagen, weken nagedacht maar er kwam niks uit. Ik kreeg er pure paniek van, als ik er over na moest denken. Dat had ook effect op mijn dagelijkse leven want ik kreeg steeds vaker paniekaanvallen in het openbaar. In de supermarkt, in een rij, bij het tankstation en in het openbaar vervoer. Ik werd bang, echt bang. Bang om ziek te worden, bang om over te geven, bang om flauw te vallen en zelfs bang in een ruimte met veel mensen. En op het moment dat ik me druk maakte in het openbaar, werd ik datzelfde moment ook ziek. Ik maakte mezelf ziek.
Zwarte lijst
Ik belde ongeveer veertien keer per dag bureau planning opname in het ziekenhuis en elke dag verzekerden ze me dat ze me meteen zouden bellen wanneer ze een datum hadden. En toch bleef ik iedere dag bellen, gewoon voor het geval dat ze me zouden vergeten. Misschien sta ik wel op de zwarte lijst nu, wie weet. De zenuwen die in die periode door m’n lijf gierden hielden het midden tussen wat je voelt als je bij je voor- en achternaam wordt geroepen door je ouders en wanneer je wacht op een uitslag in het ziekenhuis. Ik zou je graag vertellen dat ik kalm en zen bleef, maar dat was niet het geval. Achteraf was dat wellicht beter geweest want dan kon ik misschien nadenken - in plaats van dat mijn hoofd er van binnen uit zag alsof een peuter van 2 een tekening maakt - maar ik hield m’n hoofd tenminste boven water. Een paar keer sloeg ik ‘s nachts in een vlaag van woede tegen de muur aan maar het grootste deel van de tijd was ik gewoon zo depressief dat het pijn deed.
Tot ik op een dag werd gebeld, ik zou één week later geopereerd worden. En dat was het moment dat knopen doorgehakt moesten worden en ik voor een duivels dilemma kwam te staan.
Hoe het verder ging, lees je in m’n volgende blog.
Veel liefs,
Pleunie




Opmerkingen